‘Het waait er niet vanzelf uit, Alied,’ dacht ik dinsdagochtend ineens. En daar had ik een goed punt want knobbel zal blijven als ik niets doe. Dus trok ik de stoute schoenen aan en plande ik een afspraak bij een oncoloog.
Vanochtend was het zo ver.
Een uurtje later liep ik gebukt het ziekenhuis uit.
De behandelmethode die de chirurg mij een paar weken geleden schetste is min of meer dat wat het ziekenhuis mij kan bieden. Lange periode van chemo’s met daarvoor of daarna een operatie. Kans op volledig herstel is niet groot, ook niet na al die chemo’s. Kans op blijvende bijwerkingen is aanwezig: de oncoloog gaf als voorbeeld dat mijn hart en bloedvaten ongeveer 10 jaar ouder zouden worden. En daarmee is de kans op een aneurysma ook groter.
Pfffff. Ik had even tijd nodig om dat tot me te nemen.
Caught between a rock and a hard place zeggen de Engelsen dan en zo voelt het nu ook. Ik voel me gevangen tussen alleen maar kwaden.
Of toch niet?
Kijk, het is me sinds vandaag duidelijk wat de medische wereld me kan bieden. Ik denk dat een second opinion van een ander ziekenhuis niet iets heel anders uit de hoge hoed gaat toveren. Maar er zijn ook nog een andere werelden. Zo is er de wereld van het is zoals het is – niemand weet wanneer het z’n tijd is – elke dag is er een. En de wereld van de oeroude natuurgeneeskunde. Vanmiddag had ik over dat laatste een prettig intakegesprek.
Ik ben weer aan het mijmeren over de kwaliteit van leven en de lengte daarvan. Over angst voor pijn en vrede vinden in wat er is.
Ondertussen is Suno eindelijk onder zijn dekentje in slaap gevallen. Hij liep vandaag de hele dag voor mijn voeten en trilde als een rietje. ’t Hondje heeft gelijk: ik heb genoeg gestrest voor vandaag. Nu is het tijd om even weer gewoon te doen 🙂

Geef een reactie